W.E. Blog – expo over familieweblogs in het Museum voor Communicatie

We leven in het tijdperk van het delen. Online delen we foto’s van de kids, video’s van het stappen, op facebook delen we internetpagina’s, via twitter delen we links, alles wat we meemaken wordt online gedeeld met online relaties. De overheid waarschuwt ons dat we niet teveel moeten delen, terwijl diezelfde overheid wel weer het liefst alles van ons wil weten. De apps op onze telefoons delen gretig mee. Zoekresultaten, locaties en bezochte websites worden met graagte gedeeld met marketingbedrijven die ons dan weer gerichte aanbiedingen van bedrijven kunnen doen. Ook op blogs delen we grote delen van ons persoonlijke leven. Met W.E. Blog onderzoekt het Museum voor Communicatie waarom mensen bloggen over hun privé-omgeving. Drie Nederlandse gezinnen vertellen hun verhaal. Zij besloten een deel van hun leven toegankelijk te maken voor iedereen. Maar zijn alle gezinsleden wel zo blij met al die foto’s, filmpjes en persoonlijke verhalen op het internet? En is de bloggende ouder zich bewust van de eeuwigheid van deze informatie?

Muriel Steegstra is tentoonstellingmaker bij het Museum voor Communicatie. “Het museum wilde zich graag mengen in het debat over privacy. Wat deel je wel en niet? Waar liggen de valkuilen? We wilden echter niet alleen maar waarschuwen voor de eventuele schadelijke gevolgen van het online delen van informatie. De taak van ons museum is veel meer om de discussie erover aan te jagen. We kwamen al snel op de familieweblogs. Een bijzondere vorm van communiceren met de buitenwereld, door gezinnen, die ook een belangrijke doelgroep zijn voor Museum voor Communicatie.”

“Dit is een kleine expositie. Bewust hebben we ervoor gekozen om het de eerste keer dat we ons op dit terrein begeven, een bescheiden opzet te hanteren. Deze discussie is op dit moment heel actueel. Of eigenlijk, de discussie is al jaren actueel maar wordt telkens uitgebreid met nieuwe fenomenen. Het debat over online privacy begon misschien een jaar of tien geleden, toen mensen hun stapfoto’s op internet plaatsten, of hun verhalen van een bezocht feest in het weekend de week erna op fora deelden met andere stappers. Potentiële werkgevers begonnen in die tijd sollicitanten te googelen, en ontdekten zo veel over aanstaande werknemers. Later kwam daar Hyves bij, Facebook en Twitter, platforms waar mensen ontzettend veel met elkaar delen. Momenteel gaat de discussie veel over het opslaan van surfgedrag, opgeslagen reisbewegingen op de OV-chipknip en apps op smartphones die allerlei informatie uit de telefoons halen en doorverkopen. Het museum wilde zich graag mengen in dat debat. We wijzen op aanwezige gevaren, maar zeggen vooral niet dat mensen niet meer moeten bloggen, dat moeten ze juist wel doen! Maar wees je bewust van de risico’s. Wij hebben gekozen voor de familieweblogs om een andere vorm van het delen van, in dit geval heel persoonlijke informatie, te tonen, en alle problemen of juist mooie ontwikkelingen die daaruit voort vloeien.”

“We willen onze bezoekers laten zien wat er gebeurt, wat de risico’s kunnen zijn, en ze daar vooral over na laten denken. Want wat blijkt uit de verhalen van de drie families wier familieblog wij hier etaleren? Zij realiseren zich dat ze veel, eventueel gevoelige, privé-informatie delen op internet, waarvan ze weten dat het lastig zal zijn deze later weer te verwijderen. Desondanks kiezen ze er voor dit wel te doen. We hopen dat bezoekers hierna bewuster na gaan denken over wat ze op internet zeten. Maar we zijn nadrukkelijk niet voor of tegen.”

“In de stellage worden op displays drie familieweblogs getoond. Die families hebben we ook op video geïnterviewd over hun weblog. Ze wilden heel graag meewerken, en eigenlijk ook zonder restructies vooraf. Er moeten echt honderden, zoniet duizenden familieblogs zijn in Nederland. Ik heb geen idee hoeveel precies, maar zou heel graag willen dat er naar dit fenomeen meer onderzoek wordt gedaan. Dit is het informatietijdperk. Online wordt zo ontzettend veel gedeeld. Waar het naartoe gaat, weten eigenlijk maar heel weinig mensen. Ik in ieder geval niet. Wat ik wel vermoed, is dat een vraag die later gaat spelen, is: was jij vroeger uitvoerig online, of was je juist heel behoedzaam met het delen van persoonlijke informatie online? We krijgen over een aantal jaar een minister-president, van wie de stapfoto’s uitgebreid op internet staan. Misschien wel een van de zoontjes of dochtertjes van de familieweblogs die hier geëxposeerd worden. Wat betekent dat voor die aanstaande minister-president, want betekent het voor de samenleving of zijn achterban die zijn kroegfoto’s op internet ziet, en wat betekent het dus uiteindelijk ook voor de politiek en de democratie? Dat zijn fascinerende ontwikkelingen.”

Luister hieronder naar het interview dat @Raaphorst hield met Muriël Steegstra van het Museum voor Communicatie:

“We proberen het publiek ook een beetje te prikkelen. In de stellage zit een camera waarvoor mensen moeten plaatsnemen en die vervolgens een kleine portretfoto maakt. Die foto wordt vervolgens weer op een display aan de buitenkant getoond, maar dan mét een klein bijschrift. En dat bijschrift kan een klein beetje vervelend zijn, of confronterend. Met onze foto’s gebeurt vervolgens niets, die verlaten het museum nooit. Maar de foto’s die zij zelf op internet plaatsen, zijn vrij. Daar kan iedereen mee doen wat ze willen. En probeer ze er dan nog maar eens af te krijgen. Door die onderschriften te laten schuren of prikkelen, laten we mensen nadenken over wát ze online zetten, en waarom. En de reacties zijn goed. Mensen schrikken, als ze hun portret met zo’n onderschrift zien!”

, , , , , , , , ,

Trackbacks/Pingbacks

  1. Een Telex uit 1959 en een Transorma uit 1930 | Marco Raaphorst - mei 16, 2011

    […] gesloten achter een slotje met een ander communiceren. Dat kon vroeger niet. Lees daarom ook ‘W.E. Blog – expo over familieweblogs in het Museum voor Communicatie‘ waarin een interview te beluisteren valt dat ik met Muriël Steegstra van het Museum voor […]

Hofstijl, het laatste woord uit Den Haag