
In de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw beheersten een handjevol soorten flauwe struiken het Nederlandse straatbeeld. Gemeenteheesters, zo werden deze onderhoudsvrije, maar benepen vegetaties genoemd. De stekelige Cotoneaster was standaard dé struik voor rotondes, in plantsoentjes vervulden Spirea japonica’s futloos hun taak en langs doorgaande wegen vormden strekkende meters Lonicera een slaapverwekkende rij.
Den Haag heeft zich in het verleden, dankzij groenminnende heren als Westbroek, Berlage, Doorenbos, Rijnveld en Bos nimmer laten verleiden tot het aanplanten van deze gemakkelijke struiken. We kunnen best trots zijn op de diversiteit van ons Haagse groen. Er zijn borders met meer dan 600 verschillende soorten vaste planten in het Westbroekpark, wereldberoemde rozen in het rosarium en een kruidentuin, eetbaar park en heemtuin vol unieke species in het Zuiderpark. De sortimenten in het heempark H.J. Bos, de esdoorns in de Japanse tuin en de oude beuken in de Princessetuin worden allemaal liefdevol onderhouden, in opdracht van de gemeente Den Haag.
Het intensieve beheer en onderhoud van al die parken, natuurgebieden, waterpartijen en plantsoenen kost veel geld. In het coalitieakkoord stond te lezen dat bij het aanbesteden van groenonderhoud ’uitdrukkelijk gekeken wordt naar uit- en aanbesteding en burgerparticipatie’. In het kader van de bezuinigingen hebben daarom diverse Nederlandse gemeenten hun park- en plantsoenonderhoud uitbesteed. Aan particulieren. Aan omwonenden, aan wandelaars, aan de gebruikers. Aan u.
Een aantal gemeenten is reeds gestart met het sluiten van onderhoudsovereenkomsten met haar inwoners, ook de vergoeding voor het snoei- en schoffelwerk van de amateurtuiniers is al bepaald. Zijn er nu voor een bepaald project niet voldoende geïnteresseerde bewoners met groene vingers, dan vervangt de gemeente het weelderige onderhoudsgevoelige groen door een goedkoper en gemakkelijker te onderhouden gewas. En dat is gras.
Den Haag heeft nog geen burgerparticipatie in groenonderhoud op haar politieke agenda staan. Den Haag stoot haar stadsboederijen en heemtuinen gewoon af. Maar ik ben zo benieuwd. Vindt u tuinieren in het park volslagen waanzin, of juist een briljant idee? Zou u het doen, zou u gaan schoffelen en wieden? Ik ben zo benieuwd… wat zou u doen?









Ik ben meer van het wildtuinieren. In mijn vorige woonplaats heb ik in het gemeenteperk reen hand helleboruszaden uitgestooid tussen de struiken die ‘s winters kaal waren. Op die manier was er geen risico dat de planten jaarlijks gemaaid zouden worden. De oude buren hebben er nu nog elke winter plezier van.
Nadat onze straat in Den Haag van een nieuwe riolering en nieuwe bestrating voorzien was, vergat de gemeente het perkje voor ons huis in te zaaien. Dat heb ik zelf maar gedaan, nadat ik er eerst een lading krokussen, blauwe druifjes, narcissen etc in geplant had. En in het voorjaar middenin het perk een bordje met opschrift: niet maaien s.v.p. De particuliere firma die namens de gemeente de perkjes moet maaien slaat het perk steeds over totdat ik het bord eind mei verwijderd heb.
Vorig jaar heb ik (te laat) wildebloemenzaad uitgestrooid. Dat werd niet zo’n succes. Dit jaar maar weer eens proberen.
Zou inderdaad heel prima gecrowdsourced kunnen worden. En ik denk dat het zelfs moet. De overheid vertrouwt de burgers niet. Maar verwacht wel dat de burgers haar vertrouwt.
De overheid is aan zet. Enorm aan zet.
Schoffelende burgers, het lijkt mij prima. Op sommige plekken gebeurt het al, op het Koningsplein bijvoorbeeld doen de omwonenden een deel van het onderhoud van het groen.