Een waardig protest van The Hospital Bombers

The Hospital Bombers, gezien op zondag 26 juni tijdens Pop Hot Spot 2012 festival Grote Markt

Op de Grote Markt is het een maandlang feest. Bijna iedere dag treden er bands op. Vorige week was ik al even gaan kijken bij Moke. Ze speelden op een groot podium en op de Grote Markt was nauwelijks nog een plekje te vinden. Na een paar nummers van de eerste cd die ik erg mooi vind, viel me op hoe eentonig de muziek van Moke is. Het kabbelde maar door. Op zichzelf allemaal goede liedjes, maar slechts de aankondigingen zorgen ervoor dat je weet dat een ander nummer begint.

Zondag op eerste Pinkserdag was het een andere dag. Er stond een kleiner, carrousselvormig podium, waaromheen de tafeltjes zich gevuld hadden. De band van de avond de Hospital Bombers had ik onlangs gezien in de Supermarkt, het is 1 van de leukste Nederlandse bands van het moment.

Ik vond een plekje op een bank achter het podium. Het geluid was er prima en de vorige keer had ik de band van voren gezien, dus dit was een mooie kans om het beeld compleet te krijgen. Nog voor de band begon kreeg ik gezelschap van twee niet-allochtone Haagse jongens van Marrokkaanse afkomst. Ze vertelden me giechelend dat ze eens een keer een rockband wilden zien. Normaal luisterden ze waarschijnlijk alleen naar Ierse folk. Ze moesten lachen om de valse gitaar of was het de viool in het eerste nummer. Ze moesten lachen om de songtitels over liefde in de autowasserette en bij de bloedbank. Om de knullig nochalante manier waarop de nummers werden aangekondigd en om al het liefdesverdriet in de liedjes. Ze moesten overal om lachen, ik keek en moest ook lachen. Tot een van de twee opstond, en zei dat hij die kankerzooi nu wel weer zat was. De ander volgde hem.

Door mijn eigen ogen en die van de meerderheid van het publiek, waar ik vanachter de band natuurlijk goed zicht op had, genoot ik. Ik zag een band die heerlijk rammelende popsongs maakt met pakkende refreintjes, met een viool die de ene keer folky klonk en dan weer een Velvet Underground achtig geluid had. Dit is een band waar ik eerder al op slag verliefd op werd. Titels als Let´s set ourselves on fire (overliefdesverdriet), Jackoff (over liefdesverdriet), Punk´s not dead kwamen voorbij stuk voor stuk, zoals ze dat zelf zeggen, protestliedjes tegen liefdesverdriet. Een genre dat mij enorm aanspreekt. Ik ben radicaal tegen liefdesverdriet. Verder heb ik nooit zo´n uitgesproken mening. Niet over politiek, niet over muziek.

Op Pinkpop stonden honderden kilometers verderop allemaal grote bands op een renbaan in het zuiden van het land. Ik zag op tv Robert Smith van The Cure en was weer even die twee jongens, moest lachen omdat het geen gezicht was of eigenlijk juist heel erg veel gezicht. Zeker toen ook even kort het beeld te zien was van een jonge Robert Smith eind jaren zeventig. Toen hij begon te zingen was het snel voorbij. The Cure is the Cure ook als ze er over 20 jaar weer bij zijn gewapend met rollators. Close to me, Boys don´t cry, Friday I´m in love. Bruce Springsteen was ook in Limburg, jullie eigen Anouk en nog veel meer. Ik was blij dat ik op de Grote markt was geweest.

, , , , , , , ,

Comments are closed.

Hofstijl, het laatste woord uit Den Haag